ZEECRUISE IN HET NOORDZEEKANAALGEBIED

STAND VAN ZAKEN OPSTELLEN BELEIDSVISIE

Het Bestuursplatform NZKG heeft op 15 november 2018 de bestuursopdracht ‘Zeecruise in het NZKG’ vastgesteld met als uitgangspunt de zeecruise in het NZKG te behouden. Voor het opstellen van de visie is begin 2019 is een regionale project- groep geformeerd en zijn werkgroepen ingesteld voor de thema’s toerisme, economie, duurzaamheid en locaties.

In november 2019 heeft het Bestuursplatform besloten om te wachten met het opstellen van de beleidsvisie tot na de bestuurlijke besluitvorming over het door de commissie D’Hooghe uit te brengen advies ‘Oeververbindingen Rijkswateren Amsterdam’. Dit omdat het voor de beleidsvisie relevant is om te weten hoe de toekomst van de Passagiers Terminal Amsterdam (PTA) er uit ziet en dit samenhangt met de besluitvorming over de nieuwe IJ-oeververbinding(en) in Amsterdam.

Parallel aan het werk van de adviescommissie is er op regionaal niveau in 2020 wél verder gewerkt aan de voor zeecruise relevante thema’s toerisme en duurzaamheid. Op lokaal niveau is onderzoek gestart naar de locaties in IJmuiden (IJmondhaven) en Amsterdam (Coenhaven en Veemkade).

In september 2020 heeft het Bestuursplatform NZKG kennis- genomen van de (voorlopige) onderzoeksresultaten van de thema’s en locaties. Daarbij heeft het Bestuursplatform nogmaals benadrukt dat de zeecruise, en dus ook de toekomst van de PTA, van regionaal belang is.

In het eind juni 2020 door de adviescommissie D’Hooghe gepresenteerde advies ‘Genereus Verbonden’ worden onder andere nieuwe vaste oeververbindingen ten westen van de PTA geadviseerd. Als gevolg daarvan wordt geadviseerd de PTA te verplaatsen naar de Coenhaven.

Op 16 februari 2021 heeft het college van B&W van Amsterdam het advies van de commissie D’Hooghe onderschreven en dit te zien als leidraad voor toekomstige ontwikkelingen en besluiten. Gelijktijdig werd de Coenhaven aangewezen als voorgenomen voorkeurslocatie voor de verplaatsing van de PTA. In een brief aan de Tweede kamer heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aangegeven het advies goede aanknopingspunten biedt voor de verwachte ontwikkelingen en een goede basis biedt voor verdere samenwerking met de regio bij de uitwerking van de oeververbindingen.

Het Bestuursplatform heeft in februari 2021 uitgesproken nu de beleidsvisie zeecruise te willen opstellen nadat eerst inzicht is verkregen in de ontwikkeling van zeecruise na de pandemie en de governance rond het vaststellen van de beleidsvisie. Het opstellen van de beleidsvisie is nu voorzien in de tweede helft van 2021.

ONDERZOEKSRESULTATEN KORT SAMENGEVAT

Toerisme

Ten tijde van de start van de opgave was er nog geen sprake van de coronacrisis. Hoewel door het stilvallen van de zeecruise de urgentie er op dit moment niet is, blijft het van belang en is dit juist een goede periode (‘het dak repareren als het droog is’) om na te denken over spreidingsmaatregelen.

De zeecruisetoerist maakt drie procent uit van het totaal aantal buitenlandse bezoekers. Als we kijken naar het aandeel transitpassagiers (waarop de spreidingsopgave zich vooral richt) is dit percentage nog lager. Het gaat bij de zeecruise dan ook niet zozeer om het grote aandeel in het totale toeristisch bezoek maar om de drukte-ervaring als gevolg van een geconcentreerde aanwezigheid en activiteit.

Gezien het geringe aandeel van de zeecruise in het toeristisch bezoek binnen het NZKG lijken een apart spreidingsbeleid en een aparte destinatieontwikkeling voor het zeecruisetoerisme niet zinvol. Concrete spreidingsmaatregelen worden daarom bij het opstellen van de beleidsvisie in MRA-verband verder geconcretiseerd en uitgewerkt. Het zeecruisetoerisme zal daarin expliciet aandacht krijgen.

Cruiseschip meert aan. Foto Erik Baalbergen.

Milieu en Duurzaamheid

De emissies van stikstof, zwavel en fijnstof van zeecruise- schepen blijven onder de wettelijke grenswaarden. De lange- termijnambitie voor de scheepvaart is energieneutraal en emissievrij, zodat ook de zeecruisevaart een bijdrage levert aan de klimaatdoelstellingen van Parijs 2015. Een externe partij heeft onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van technische maatregelen, zowel aan boord van de schepen als aan de wal. Aan de walzijde is de realisatie van een vaste of mobiele walstroominstallatie een goede optie om emissies te reduceren. Aan boord van de schepen kunnen ook andere technische maatregelen geïmplementeerd worden om een lagere uitstoot van emissies te realiseren. Alternatieve scheepsgebonden

maatregelen zijn: bij nieuwbouwschepen de plaatsing van moderne motoren die de stikstofemissies reduceren (of, waar mogelijk, aanpassing van motoren met katalysatoren) en gebruik van LNG door schepen. De havens kunnen bij de scheepsgebonden technische maatregelen beperkt faciliterend optreden, maar de toepassing desgewenst wel stimuleren. Bij walstroom, zowel met een vaste of mobiele aansluiting, spelen de havens een faciliterende rol. Aanvullende beleidsmaatrege- len die de partners in het NZKG kunnen nemen qua faciliteren, stimuleren en reguleren, worden bij het opstellen van de beleidsvisie verder geconcretiseerd en uitgewerkt.

Locaties Amsterdam: Veemkade (huidige locatie PTA) en Coenhaven (mogelijk toekomstige locatie PTA).
Omdat het Advies Oeververbindingen tot gevolg heeft dat de Veemkade – waar de PTA momenteel is gevestigd – voor zeecruise onbereikbaarheid wordt, heeft het locatieonderzoek zich beperkt tot de Coenhaven. Uit het haalbaarheidsonderzoek blijkt dat verplaatsing van de PTA naar de Coenhaven haalbaar is wat betreft (nautische) ruimte, milieu en techniek. Voorals- nog kan één ligplaats worden gerealiseerd, wat ongeveer een halvering van de terminalcapaciteit in Amsterdam impliceert. Verplaatsing van de PTA naar de Coenhaven gaat gepaard met een aanzienlijke investering. Nader onderzoek moet uitwijzen of verplaatsing (milieu)technisch, planologisch en financieel daadwerkelijk haalbaar is.

Locatie IJmuiden: IJmondhaven

Zeehaven IJmuiden heeft onderzoek gedaan naar de mogelijk- heid van uitbreiding van de capaciteit in de IJmondhaven met twintig calls per jaar tot een maximaal aantal aanlopen van negentig per jaar. Om dit mogelijk te maken moet de nautische toegang tot de IJmondhaven worden verruimd. Daarnaast is nog een aantal aanpassingen in de haven nodig. Zeehaven IJmuiden is bereid deze werkzaamheden te laten uitvoeren indien voor de daarmee gemoeide investering dekking is gevonden.

Relatie met andere projecten:

Haven-Stad, Sprong over het IJ, Ontwikkeling Averijhaven, Zeetoegang IJmond, Transformatie specifieke locaties, Groen en Landschap NZKG en Houtrakpolder.

Mijlpalen:

• februari 2021: standpunt Rijk en Amsterdam over Advies Oeververbindingen
• mei 2021: start opstellen beleidsvisie na akkoord Bestuurs- platform
• december 2021: instemmen BPF met concept beleidsvisie • eerste helft 2022: vaststellen beleidsvisie door publieke stakeholders NZKG

Doelstelling:

het inzichtelijk maken van de met de zeecruise samen- hangende maatschappelijke baten en lasten op regionaal niveau. Op basis hiervan een evenwichtige beleidsvisie opstellen voor een verantwoorde ontwikkeling van de zeecruise in het NZKG.

Trekker

Bestuursplatform NZKG.

Betrokken partijen

partners Bestuursplatform NZKG